Kwaliteit, voedselveiligheid, traceerbaarheid en duurzaamheid. Daar zorgen we voor!

Laatste nieuws

CodiplanPLUS Varkens gaat op in het ééngemaakt kwaliteitssysteem BePork

14.12.2020

BePork, de basis voor markttoegang

Het BePork-kwaliteitslabel bouwt verder op de wetgeving: de autocontrole (G040C) en de wettelijke bepalingen rond dierenwelzijn, vervat in het Codiplan Animal Welfare lastenboek (zie verder voor meer uitleg). Daar legt BePork bijkomende bovenwettelijke eisen bovenop rond duurzaamheid, dierenwelzijn en diergezondheid.

BePork vormt de uniforme basis doorheen de volledige varkenskolom waarop andere initiatieven verder kunnen bouwen. Dat zorgt voor transparantie en duidelijkheid in de markt.

Het BePork-kwaliteitslabel is gelijkwaardig aan het Duitse kwaliteitssysteem QS. Dat betekent concreet dat de export naar Duitsland via dit lastenboek gegarandeerd blijft, zonder bijkomende eisen.

BePork gaat van start vanaf januari 2021.

Welke gevolgen heeft de oprichting van BePork voor de CodiplanPLUS deelnemers ?

Met de opstart van BePork zal het CodiplanPLUS lastenboek en zijn certificaten uitdoven. Indien u in het nieuwe BePork systeem wenst te stappen, zal de eerstvolgende audit volgens het BePork lastenboek uitgevoerd worden, dat zal resulteren in een BePork certificaat. De einddatum van dit certificaat zal net zoals bij CodiplanPLUS gelijk zijn aan de einddatum van uw G040 autocontrole certificaat.

Om deze overstap te maken dient het online aansluitingsformulier dat u terugvindt op de Belpork website ingevuld te worden.

Wanneer wordt de initiële BePork audit uitgevoerd?

Indien het huidig CodiplanPLUS certificaat vervalt in 2021 of 2022, zal respectievelijk in 2021 of 2022 een initiële audit uitgevoerd worden volgens het nieuwe BePork lastenboek, in combinatie met de G040C en de Codiplan Animal Welfare. Dit zal resulteren in een BePork, een G040C en een Codiplan Animal Welfare certificaat, met een looptijd van 3 jaar.  

Indien het huidig CodiplanPLUS certificaat vervalt in 2023 of 2024, zal in 2021 of 2022 een initiële audit uitgevoerd worden volgens het nieuwe BePork lastenboek, in combinatie met de Codiplan Animal Welfare, maar zonder de G040C.Dit zal resulteren in een BePork certificaat, met een einddatum gelijk aan het lopende G040C certificaat, dus in 2023 of 2024.

Wat zijn de exacte voorwaarden van het BePork kwaliteitssysteem?

U kan op de website van Belpork vzw het BePork lastenboek voor varkenshouders downloaden. U zal zien dat dit gelijkaardig is aan het CodiplanPLUS lastenboek, met een paar bijkomende accenten wat betreft bioveiligheid, en een alternatief systeem voor Salmonella opvolging. Er is ook een zogenaamde duurzaamheidsmonitor aan gekoppeld, zodat in kaart kan gebracht worden welke inspanningen de varkenshouders nu al leveren om de duurzaamheid van de sector te verhogen.

Wat indien men niet wenst in te stappen in het nieuwe BePork kwaliteitssysteem?

Indien het CodiplanPLUS certificaat vervalt in de loop van 2021, kunnen nog tot de einddatum van dit certificaat varkens geleverd worden aan QS gecertificeerde slachthuizen, maar er is geen verlenging volgens het CodiplanPLUS lastenboek meer mogelijk.

Indien het CodiplanPLUS vervalt in 2022 of later, zal het certificaat definitief stopgezet worden op 31/12/2021.

Om de uitwisselbaarheid met QS gedurende 2021 te kunnen blijven garanderen, zullen op de bedrijven waar varkens afgemest worden en die zouden beslissen de overstap naar BePork niet te maken, de 12 bloedstalen die genomen worden in het kader van het Aujeszky onderzoek, bijkomende geanalyseerd worden op Salmonella. De kosten voor deze Salmonella analyses zijn net zoals voorheen ten laste van de betrokken varkenshouder.

Wat is het Codiplan Animal Welfare lastenboek?

Dit lastenboek verzamelt de wettelijke normen wat betreft dierenwelzijn. Dit maakte tot eind 2019 deel uit van de sectorgids voor de autocontrole voor de primaire dierlijke productie (G040C). Aangezien ondertussen de bevoegdheid voor dierenwelzijn overgeheveld werd van de Federale niveau naar de Gewesten, heeft Codiplan deze wettelijke dierenwelzijnsnormen verwijderd uit de laatste versie van de G040C, en overgebracht naar dit nieuw lastenboek. Dit lastenboek werd ook voorgelegd aan en goedgekeurd door de bevoegde Waalse en Vlaamse dienst voor dierenwelzijn. U kan het hoofdstuk varkens vinden op deze website, op de pagina met de documenten betreffende de dierlijke productie . De  inhoud hiervan is quasi onveranderd van wat in de vorige versie van de G040C stond.

Meer info

Voor alle info aangaande het nieuwe BePork lastenboek, verwijzen we u graag naar de website www.belpork.be/nl/bepork , of naar de helpdesk van de collega’s van Belpork, te bereiken via info@belpork.be of op het nummer 02 552 81 44.

Heeft u specifieke vragen betreffende het CodiplanPLUS uitdoofscenario of over Codiplan Animal Welfare, kan u terecht bij het secretariaat van Codiplan via info@codiplan.be.

lees verder

Publicatie van de versie 4.0 van de Vegaplan Standaard en de versie 2.0 van de Vegaplan Standaard Loonwerker

12.11.2020

Naar aanleiding van de goedkeuring van een nieuwe versie van de Sectorgidsen voor Primaire Plantaardige Productie en Loonwerk, publiceert Vegaplan nieuwe versies van de Vegaplan Standaarden Primaire Plantaardige Productie (versie 4.0) en Aannemers van Land- en Tuinbouwwerkzaamheden (versie 2.0). De nieuwe versies treden definitief in werking op respectievelijk 30 januari 2021 en 27 januari 2021.

Aangezien de Sectorgidsen integraal opgenomen zijn in de overeenkomstige Vegaplan Standaarden, heeft het FAVV dan ook de nieuwe versies van de Vegaplan Standaarden equivalent verklaard met de overeenkomstige Sectorgidsen G-040 en G-033. Dit betekent dat de Vegaplan gecertificeerde landbouwer of loonwerker een gecombineerd certificaat behaalt. Landbouwers genieten van de bonus op de jaarlijkse FAVV bijdrage en een vermindering van de inspectiefrequentie door het FAVV indien alle productgroepen of activiteiten binnen hun bedrijf worden afgedekt.

Meer dan 16.000 landbouwers en 1.230 loonwerkers in België zijn reeds volgens de Vegaplan Standaard gecertificeerd.

Wijzigingen in de Vegaplan Standaard Primaire Plantaardige Productie

De belangrijkste aanpassing aan de Vegaplan Standaard voor Primaire Plantaardige Productie betreft de integratie van de nieuwe plantengezondheidswetgeving. Deze wetgeving bepaalt dat voortaan alle planten bestemd voor opplant die verhandeld worden tussen professionelen of via e-commerce van een plantenpaspoort moeten worden voorzien. Dit betekent concreet dat de producten die worden verhandeld met een wortel, en naast consumptie ook kunnen worden opgeplant, zoals kruiden of eetbare bloemen in pot, onder een nieuwe categorie “Groenten versmarkt paspoortplichtig (Gvmp)” vallen. Groenten voor consumptie die verkocht worden met perskluit (bijvoorbeeld sla, waterkers) zijn vrijgesteld van de paspoortplicht. Voor witloofwortelen is de paspoortplicht afhankelijk van de situatie: witloofwortelen geteeld in België voor de forcerie in België, voor eigen rekening of als contractteelt, zijn niet paspoortplichtig en vallen onder de productgroep “Industriegroenten akkerbouwmatig”. De witloofwortelen die worden verhandeld tussen professionelen of die in de handel worden gebracht tussen de lidstaten, worden gecategoriseerd onder de productgroep “plantgoed” en vereisen wel een plantenpaspoort. Operatoren die over een erkenning voor het afleveren van plantenpaspoorten beschikken dienen voortaan alle relevante informatie over de plantenpaspoorten te registreren en ten minste drie jaar bij te houden.

In aanvulling op de grondige herziening van het hoofdstuk waterkwaliteit vorig jaar, is nu bijkomend bepaald dat wanneer een loonwerker instaat voor water-gerelateerde handelingen en de loonwerker niet Vegaplan gecertificeerd is, de landbouwer de risicoanalyse van het gebruikte water moet opvragen. Dit is belangrijk om te waarborgen dat het water steeds aan de minimale waterkwaliteitsvoorwaarden zoals beschreven in de Vegaplan Standaard voldoet. De minimale waterkwaliteit gebruikt voor wassen van containers, kisten en palloxen is nu ook beschreven.

Om een beter zicht op de teeltrotatie te krijgen, in het bijzondere met betrekking tot de risicobeperkende maatregelen voor bijen in geval van gebruik van met neonicotinoïden behandeld zaadgoed, dient de teelthistoriek tot 5 jaar beschikbaar te zijn.

Daarnaast zijn er een aantal kleinere verduidelijkingen of aanvullingen uitgevoerd. De glasbreukprocedure werd aangevuld met te nemen maatregelen bij breuk van kwiklampen en hard plastic. Wanneer een landbouwer voorverpakte  producten verkoopt, gelden bepaalde etiketteringsvoorschriften. Deze wettelijke bepalingen zijn nu ook opgenomen in de Vegaplan Standaard. 

Wijzigingen in de Vegaplan Standaard voor loonwerkers

De aanpassingen aan de Vegaplan Standaard voor loonwerkers sluiten - indien van toepassing - aan bij de wijzigingen voor de Vegaplan Standaard voor landbouwers. Zo werd hier ook het hoofdstuk waterkwaliteit geïntegreerd, zoals dit eerder is gebeurd in de Vegaplan Standaard voor landbouwers. Indien de loonwerker het gecontracteerde werk of een deel hiervan aan een andere loonwerker uitbesteedt, moet deze loonwerker gecertificeerd zijn voor de Vegaplan Standaard voor de aannemers van land- en tuinbouwwerken of gelijkwaardig met de scope die overeenkomt met de aangenomen activiteit. Daarnaast zijn er een aantal kleinere verduidelijkingen of aanvullingen uitgevoerd.

 

Nieuwe versies gelden definitief vanaf 27 en 30 januari 2021

 

De Vegaplan Standaard Loonwerk treedt in voege op 27 januari 2021, gevolgd door de Vegaplan Standaard Primaire Plantaardige Productie op 30 januari 2021. Vanaf dan dienen alle audits volgens deze versies te gebeuren. Indien beide partijen er klaar voor zijn, kunnen de nieuwere versies echter reeds vroeger worden gebruikt. Het is dan ook aangeraden om zo snel mogelijk kennis te nemen van de nieuwe versie en ermee aan de slag te gaan.

De Vegaplan Standaarden alsook een overzicht van de wijzigingen zijn beschikbaar op de website vegaplan.be . Hier kan ook een handleiding worden geraadpleegd met pictogrammen, invullijsten en procedures om zich eenvoudig in orde te stellen met de vereiste vermeldingen en registraties. Tenslotte heeft elke gecertificeerde landbouwer toegang tot de databank waar hij zijn certificatiestatus kan raadplegen en hij zijn perceels-/teeltfiches kan beheren en delen met zijn afnemers. Er zal tegen januari 2021 ook een functie worden ontwikkeld die toelaat om een checklist op maat te genereren.

lees verder